Leden Login

Aanvullende reglementen

Aanvullend Terreinreglement E.M.C.R. (versie april 2012)

Op onze vlieglocatie zijn van kracht:

  • De “Regeling Modelvliegen”, (Ministerie van V.&.W.) 
  • Het “BVR-Basis Veiligheids Reglement”, (KNVvL, afd. Modelvliegsport) 
  • Het “Terreinreglement”. (KNVvL, afd. Modelvliegsport) 
  • De “Richtlijnen voor door gasturbines aangedreven modelvliegtuigen” en
    de “Gedragscode” die daarbij hoort. (KNVvL, afd. Modelvliegsport)

Als aanvulling hierop zijn onderstaande regels opgesteld welke specifiek zijn voor onze vlieglocatie:

  • Voor onbevoegden is de toegang tot dit veld verboden 
  • Toeschouwers dienen voor het hoge veiligheidshek te blijven. (gezien vanaf de weg) 
  • Auto's dienen altijd aan de overzijde van de weg te worden geparkeerd. 
  • Voor kinderen en loslopende honden is onze vlieglocatie verboden terrein. 
  • Als Terreincommissaris treedt op: 
    - een van de aanwezige bestuursleden,
    - als die er niet zijn, een van de aanwezige instructeurs.
    - als die er ook niet zijn, een van de gebrevetteerde leden. 
  • Zonder Terreincommissaris dient er niet gevlogen te worden. 
  • De Terreincommissaris is herkenbaar aan een oranje of geel veiligheidshesje. 
  • Alle leden zijn gehouden de aanwijzingen van de Terreincommissaris op te volgen.
    Zie: "Taken en bevoegdheden van de Terreincommissaris bij E.M.C.R". 
  • Op gezette tijden en meestal zomers zal er veldonderhoud worden gepleegd (b.v. grasmaaien). Dit zal zo veel mogelijk gebeuren in de ochtenduren om zo weinig mogelijk vlieghinder te veroorzaken. Wanneer dit wordt aangegeven, door hen die het onderhoud plegen, mag er niet gevlogen worden. 
  • Gastvliegen uitsluitend na toestemming van Bestuur en/of Terreincommissaris en gastvliegers moeten aantoonbaar lid zijn van de KNVvL en in het bezit van een KNVvL brevet. 
  • Uitsluitend door leden van EMCR mag er met een tijdelijk brevet gevlogen worden. 
  • In tegenstelling tot wat vermeld staat in het Terreinreglement art. D worden bij E.M.C.R. goedgekeurde vliegtuigen/heli’s voorzien van een sticker en ingeschreven in het keuringsregister. De keuringen worden uitgevoerd door daartoe door het Bestuur aangewezen leden. 
  • Eveneens in tegenstelling tot het Terreinreglement wordt het frequentiebord bij E.M.C.R. anders gebruikt. Vóórdat een zender op een bepaald kanaal in werking wordt gesteld, bent u verplicht uw clubkaart op het frequentiebord op de betreffende plaats (waar het kanaal staat vermeld) op te hangen en wel zodanig dat de kaart niet weg kan waaien. Dit geldt ook voor de 2.4 Ghz zenders!
    Een gastvlieger hangt een gastenpas op het bord. 
  • Frequentievlaggetje aan de zender is niet verplicht. 
  • Vliegtuigen dienen in de pits te worden opgesteld achter de balk, met de staart in de richting van het veld. Er moet op worden gelet dat bij het starten en afstellen geen onnodige overlast wordt veroorzaakt (rook, herrie en stof), dus de staart blijft zoveel mogelijk richting veld. Grote toestellen mogen de doorgang in de pits niet belemmeren en kunnen eventueel aan het einde van de pits (rechts) worden opgesteld. 
  • De ruimte tussen het hoge gras vóór het voorste hek mag gebruikt worden voor het starten.
  • Het langdurig laten draaien van motoren mag niet in de pits plaatsvinden, maar wel achter de container. 
  • Vliegers stellen zich tijdens het vliegen op tussen het hek voor de pits en het hoge gras, en blijven daar gedurende de gehele vlucht staan. Dit geld ook voor heli vliegers die rond vliegen mits zij de 20 meter regel in acht nemen. 
  • Om het toestel op het veld te zetten, en weer op te halen, mag maximaal gebruik worden gemaakt van 1 helper. Zowel helper als piloot zorgen ervoor dat zij zo kort mogelijk op het veld zijn. 
  • Voordat men het veld betreedt maakt men dit kenbaar. 
  • In overleg met de helivliegers wordt er een plaats bepaald waar deze kunnen hooveren.
    Dit is altijd buiten de start- en landingsroutes van de vliegtuigen.
    Er is in de container een tekening met daarop de mogelijke posities, voor hooverende heli’s, bij alle mogelijke windrichtingen. 
  • Het is niet toegestaan:
    - vanuit de pits te starten of in de pits te taxiën,
    - om boven de Noordzeeweg te vliegen,
    - om binnen een afstand van 20 m voor de piloten langs te vliegen, zie de markering,
    - in de richting van de pits op te stijgen, - in de richting van de pits te landen of te vliegen,
    - met een niet goedgekeurd toestel te gaan vliegen. 
  • De minimale vlieghoogte buiten het veld is 25 m (terreinreglement art. F4.a).
    Let op eventuele wandelaars op de dijk! 
  • Bij eventuele crashes moeten de brokstukken worden opgehaald en afgevoerd door de piloot/eigenaar.
    Schade aan derden ontstaan door fouten of nalatigheid kan worden verhaald op de veroorzaker. Bij botsingen in de lucht (mid-air-collision) is er in de meeste gevallen een wederzijdse “schuld” en is er geen verhaal mogelijk. 
  • Bij incidenten, zoals vliegongevallen of bijna ongevallen, moet een incidentenrapport (zit in Arbomap en kopieën in clubhuis), met een duidelijke beschrijving van het gebeurde, ingevuld worden en aan het Bestuur overhandigd worden. Eventuele getuigenverklaringen moeten in dit incidentenrapport vermeld worden en aan het rapport worden toegevoegd. Incidenten zijn b.v. ook; schaden aan derden; letsels bij personen; gevaarlijke gebeurtenissen. 
  • Als het clubgebouw gesloten is zijn de vliegers zelf verantwoordelijk voor EHBO materiaal. Het is niet toegestaan om je op zodanige wijze te gedragen, of te vliegen, dat het gevaar oplevert of kan opleveren voor personen of zaken.

Bestuur en Instructeurs E.M.C.R.


 U kunt dit document hier als PDF downloaden